Sommige bedrijfstakken leveren vooral werknemers, andere ontvangen ze juist
De volgende figuur laat zien met welke bedrijfstakken zorg en welzijn de meeste werknemers uitwisselt. Daarbij zijn de sectorvreemde instroom en uitstroom naast elkaar weergegeven. Zo wordt niet alleen zichtbaar welke arbeidsmarktrelaties het belangrijkst zijn, maar ook welke bedrijfstakken per saldo vooral werknemers aan zorg en welzijn leveren en welke juist relatief veel werknemers uit de sector ontvangen.
Figuur 2. De twaalf grootste presentatiecategorieën waarmee de sector zorg en welzijn medewerkers uitwisselt door in- en uitstroom, gemiddeld per jaar (2022–2024)*.
*De overige in- en uitstroom (niet getoond) heeft een omvang van ongeveer 34 procent en is afkomstig uit meer dan 100 individuele categorieën.
De uitzend-, payroll- en arbeidsbemiddelingsbranche en de supermarkten en warenhuizen vormen veruit de belangrijkste externe arbeidsmarktrelaties van zorg en welzijn. Ook restaurants en eetgelegenheden, overige winkels en schoonmaakbedrijven leveren jaarlijks veel werknemers aan de sector. De figuur laat zien dat deze bedrijfstakken per saldo vooral werknemers aan zorg en welzijn ‘leveren’. Dat geldt in het bijzonder voor de uitzendbranche en de detailhandel, waar de instroom naar zorg en welzijn aanzienlijk groter is dan de uitstroom vanuit de sector. Ook vanuit de horeca, schoonmaakbedrijven, sport, ideële en belangenorganisaties en managementadviesbureaus stromen per saldo meer werknemers naar zorg en welzijn dan andersom.
Daar staat tegenover dat enkele bedrijfstakken juist relatief veel werknemers uit zorg en welzijn ‘ontvangen’. Openbaar bestuur en overheidsdiensten springt daarbij duidelijk in het oog. Ook richting het basis- en speciaal onderwijs, het voortgezet onderwijs en het hoger onderwijs is de uitstroom groter dan de instroom. Deze bedrijfstakken vormen daarmee belangrijke bestemmingen voor werknemers die de sector verlaten.
De externe arbeidsmarkt van zorg en welzijn is geen willekeurige verzameling van arbeidsmarktstromen. Achter de sectorvreemde mobiliteit gaat een herkenbaar patroon schuil van bedrijfstakken die vooral werknemers aan zorg en welzijn leveren en bedrijfstakken die juist relatief veel werknemers uit de sector ontvangen. Dit algemene sectorbeeld vormt het vertrekpunt voor de brancheprofielen die hierna worden besproken.
De gegevens laten zien tussen welke bedrijfstakken werknemers zich bewegen, maar niet waarom zij overstappen of welke functies zij vervullen. Een overstap kan uiteenlopende achtergronden hebben: van een eerste baan buiten de sector tot een vervolgstap in een loopbaan. Deze analyse beperkt zich daarom bewust tot het beschrijven van mobiliteitspatronen.